Huiswerkbeleid

Begripsomschrijving huiswerkbeleid GO!

Onder ‘huiswerk’ in de lagere school verstaan we elke taak die de leerling na schooltijd moet uitvoeren in opdracht van de klasleraar: leesopdrachten, schrijfopdrachten, rekenoefeningen, opzoekopdrachten, studeeropdrachten,…

Inleiding

Het is belangrijk zich af te vragen of we wel of niet huiswerk aan de kinderen moeten geven. Krijgen ze niet teveel huiswerk, wordt er voldoende rekening gehouden met de thuissituatie en het feit dat alle kinderen verschillend zijn. Kunnen we het leereffect van de opdrachten verantwoorden. En krijgen de kinderen nog wel voldoende tijd om kind te zijn.

Om op deze vragen en bedenkingen een antwoord te bieden heeft BS GO! Zavelberg een eigen visie opgesteld van hoe we huiswerk kunnen aanbieden.

Waarom?

Huiswerk is één van de factoren waarbij ouders betrokken worden bij het onderwijsleerproces van hun kind(eren) naast verschillende andere initiatieven op onze school.

Het doel van het huiswerk is verschillend aan het begin van de lagere school dan in de derde graad.

Huiswerk bevordert de zelfstandigheid van de kinderen. Stapsgewijs leren de kinderen om vaardig te worden in het alleen maken van hun taken. Zelf plannen, wanneer het gemaakt/geleerd moet worden om tijdig klaar te zijn, biedt kansen om de zelfstandigheid te vergroten. Daarbij werkt de leerling aan een eigen positieve leer-en werkhouding.

Huiswerk krijgt een plaats in het onderwijsleerproces. Het is een middel om leerstof extra in te oefenen, te automatiseren of te verdiepen. De leraar komt erop terug, geeft feedback, peilt naar de ervaringen van de leerlingen, gebruikt de meegebrachte info, …

In welke klassen wordt er huiswerk gegeven?

Er wordt huiswerk gegeven vanaf het 1ste leerjaar tot en met het 6de leerjaar. De mate waarin en de inhoud van het werk zijn in opbouw per graad.

Soorten huiswerk

  • Leerstof thuis praktisch toepassen met behulp van herhalingsoefeningen.
  • Materiaal opzoeken, verzamelen, maken en meebrengen in verband met een bepaald thema.
  • Kleine opdrachten waarbij de leerlingen uitgedaagd worden om wat ze leerden in de klas in hun eigen omgeving te gaan herkennen en toetsen.
  • Een tekst die behandeld word in de klas vooraf lezen.
  • Verzamelen van informatie: een interview, dagboek bijhouden,…
  • Wat moet gememoriseerd worden kort inoefenen.
  • Vrij lezen.
  • Creatief bezig zijn.
  • ……

Tijdsbesteding

Niet alle kinderen zijn gelijk. Met hun individuele verschillen willen we rekening houden en dit kan slechts door in sommige gevallen het huiswerk te differentiëren. Dit wil niet zeggen dat daarom alle taken moeten gedifferentieerd worden.

Het huiswerk wordt altijd tijdig meegedeeld aan de leerlingen zodanig dat ze al vroeg hun werk leren plannen naar gelang hun buitenschoolse activiteiten.

Op bepaalde momenten zijn leerlingen huiswerkvrij daar het belangrijk is om na de school nog tijd vrij te hebben voor ontspanning, rust, beweging, sport,…

Vlot kunnen lezen is heel belangrijk om de volledige schoolcarrière goed te doorlopen. Daarom bevelen wij sterk aan dit dagelijks ongeveer 10 minuten te doen, naast het opgegeven huiswerk.

Het is niet gemakkelijk om een goede tijdsduur te bepalen, juist omdat de individuele verschillen groot kunnen zijn. Toch proberen wij een ideale tijdsduur aan te bevelen. We voorzien een geleidelijke stijging van de tijdsduur naarmate de leerlingen in een hoger leerjaar zitten.

 

1 ste graad


2 à 3 maal per week ongeveer 15 minuten + lezen.

  • Het huiswerk  in de eerste graad bestaat vooral uit automatiseren, memoriseren, technisch lezen en blijven oefenen. Herhalen is een bepalend gegeven.
  • De leerlingen leren werken met elektronische platformen zoals vb. Bingel.
  • Dagelijks 10 minuten lezen doet wonderen.

 

2de graad


3 maal per week ongeveer 30 minuten + lezen.

  • Met als bijkomende opdracht mijn huiswerk leren plannen: vb. het huiswerk van maandag tegen woensdag afhebben, dat van dinsdag tegen donderdag en dat van donderdag tegen maandag.
  • Voorbereiden op toetsen en dictees naast taken.
  • Stimuleren om 10 minuten per dag te lezen.

 

3 de graad
 

3 maal per week  ongeveer 30 à 45 minuten + lezen.

  • Opzet: een “goede gewoonte” verwerven van het zelfstandig werken. We maken onze leerlingen in de derde graad vertrouwd met huiswerk ter voorbereiding van het secundair onderwijs waar wordt uitgegaan dat huiswerk maken een verlengstuk is van het dagelijks schoolgaan. Het huiswerk moet dus voldoende op voorhand gegeven worden (minimaal 1 week) zodanig dat de leerlingen zich kunnen organiseren.
  • Voorbereiden op toetsen en dictees naast taken.
  • Stimuleren om 10 minuten per dag te lezen.

Wat als het huiswerk niet gemaakt is?

Als de leerlingen om de een of andere reden hun huiswerk niet hebben gemaakt, wordt de ‘waarom’ vraag gesteld. Het kind krijgt een tweede kans en moet het huiswerk vooralsnog maken en indienen op het volgende afgesproken moment. Vaak is dat de dag daarop.

Bij herhaaldelijk ongemaakt huiswerk neemt de leerkracht contact op met de ouders om gezamenlijk het probleem te bespreken en naar een oplossing te zoeken. Bij langdurige problemen wordt de zorgcoördinator op de hoogte gebracht.

Wat verwachten wij van de ouders?

Wanneer ouders betrokken zijn bij het schoolgebeuren en het onderwijs van hun kind(eren) heeft dat een positieve invloed op de leerprestaties van leerlingen. Dit is eveneens zo voor het huiswerk. Als de ouders betrokken zijn in het aanmoedigen en maken van het huiswerk, zal dit ook een positieve invloed hebben op het kind.

Tips voor de ouders om de betrokkenheid te verhogen

  • Toon interesse voor wat het kind vertelt over school en over het huiswerk.
  • Geef regelmaat aan je kind: start elke dag ongeveer op hetzelfde tijdstip aan het huiswerk.
  • Creëer een positieve werksfeer en maak een rustige omgeving vrij zodanig dat je kind ongestoord kan werken.
  • Laat je kind ontspannen voor het aan zijn huiswerk begint.
  • Blijf in de buurt.
  • Moedig je kind aan en geef positieve feedback.
  • Als je merkt dat je kind problemen heeft bij het maken van zijn huiswerk of om lessen in te studeren, breng de leerkracht daarvan op de hoogte.
  • Begeleid stapsgewijs je kind om geleidelijk aan zelfstandig te werken.
  • De school verwacht niet dat de ouders zelf de leerstof uitleggen of dat de ouders zelf de taak gaan maken. Het is belangrijk te weten dat het gemaakte huiswerk door het kind zelf gemaakt werd. Het geeft belangrijke informatie aan de leerkracht om te weten waar het kind nog moet aan werken om op deze manier constructieve feedback aan het kind mee te geven.

Leren houdt niet op aan de schoolpoort of met het maken van huiswerk. Het is belangrijk om als ouder en leerkracht het leerproces van de kinderen te laten doorlopen in een brede aanpak. Laat de kinderen groeien en zelfstandig worden door ze te laten helpen bij dagdagelijkse taakjes, zich zelfstandig aankleden, helpen met boodschappen doen, te tekenen, schilderen, bewegen, zingen en dansen,… dan kan je kind groeien naar zelfstandigheid en naar zijn of haar plek in deze wereld.